14/06/2023

Artificiële Intelligentie in de klas: gevaar of kans?

Amper één op de twintig scholen heeft al op papier gezet hoe leraren moeten omgaan met ChatGPT in de klas. Dat blijkt uit een peiling van Het Nieuwsblad. Nochtans is artificiële intelligentie in ijltempo deel geworden van de wereld van onze leerlingen en leerkrachten. Van leraren vraagt dit een heuse mentaliteitswijziging. Onze boodschap: wees niet bang van AI, maar benut er de voordelen van om je onderwijs te versterken.

Artificiële Intelligentie in de klas© SBS De Groene Planeet, Vilvoorde
Meisje met een koptelefoon op gebruikt een laptop aan een houten tafel.

De opkomst van AI-middelen wordt, vooral in de Verenigde Staten, al snel gezien als een manier om vals te spelen. Een middel voor de luie leerlingen om bepaalde vaardigheden af te schuiven op technologie. OVSG zoekt liever naar een constructieve manier om deze technologie te gebruiken als een inspirerend hulpmiddel en een alternatief voor het commercieel circuit naast de school (privé tutors, bijlessen, betalende software). Doemdenken over nivellering of een verbod haalt weinig uit. De technologie is er nu eenmaal. Laten we leerlingen leren hoe zij goed en kritisch met deze middelen kunnen omgaan. 

In het kader van kansengelijkheid zien we een meerwaarde omdat alle leerlingen er in een veilige omgeving mee leren werken. Niet elke leerling beschikt immers thuis over de infrastructuur en de oefenruimte. De school creëert hier kansen. De belangrijkste kans in de opkomst van AI-tools in het onderwijs, is de mogelijkheid van artificiële intelligentie als grote gelijkmaker: persoonlijke ondersteuning op maat van elke leerling. AI-middelen die moeilijke passages in handboeken op een makkelijke manier verduidelijken, een AI-tutor die je ondervraagt of met je brainstormt over een werkstuk en je inspireert … Het behoort allemaal tot de mogelijkheden. Natuurlijk moeten er hier altijd evidence informed keuzes gemaakt worden.

Soorten machineleren

Mediawijsheid is een vaardigheid die we graag versterkt zien in het onderwijs. Leerlingen en leerkrachten moeten weten hoe algoritmes werken, wat deze algoritmes allemaal over ons verzamelen én waarom (bv. de verdienmodellen erachter). We hebben het hier over de verschillen in machineleren. Er bestaan drie soorten machineleren die we onderscheiden en waar we al een hele tijd gebruik van maken, maar misschien weten we niet helemaal hoe deze zich van elkaar onderscheiden. Een kort overzicht:

  • Gecontroleerd machineleren: chatbots en tools die putten uit een afgebakende bron. Je kan er enkel uit halen wat erin zit.
  • Ongecontroleerd machineleren: algoritmes die ons bestuderen en doorgronden en zich zo aanpassen zodat we langer op een platform blijven (want zo verdienen ze geld aan ons). Dit zijn socialemediakanalen, streamingsdiensten (muziek, video) en -platformen. Hierover moeten we vooral informeren (mediawijsheid en digitale geletterdheid).
  • Versterkend machineleren: algoritmes die wanneer ze winnen of verbeteren, zichzelf belonen (zoals wij een dier kunnen trainen) en die zo altijd maar beter en beter (willen) worden. Deze algoritmes overstijgen de kunde van mensen op bepaalde gebieden en kunnen zo ons leven enorm faciliteren, maar ook bedreigen. Vooral voor deze laatste categorie worden door beleidsmakers volop ethische kaders ontwikkeld. Toepassingen hiervan zien we in zelfrijdende voertuigen, spelcomputers, de ontwikkeling van medicijnen en de medische beeldvormingstechnologie.

Ethische aanbevelingen

De pedagogische begeleidingsdienst van OVSG boog zich over enkele ethische AI-vraagstukken in het onderwijs en kwam tot enkele ethische aanbevelingen voor het gebruik in de klas:

  • Gebruik enkel systemen (of tools) om het onderwijs te verbeteren.
  • Gebruik een systeem dat open en transparant is in zijn opmaak en bronnen. Open betekent hier het tegenovergestelde van een gesloten systeem dat geen bronvermeldingen geeft.
  • Informeer alle stakeholders over de gebruikte systemen. Zet in op mediawijsheid. Welke vorm van machineleren gebruiken we hier? Wat zijn de verschillen? Wat zijn de gevaren? Duid het verschil met praktische casussen.
  • Houd rekening met de impact op de samenleving. Deze laatste moet volgens ons vooral maatschappelijk geregeld worden, aangezien bepaalde systemen wel een impact kunnen hebben op toekomstige jobs, maar ook op auteursrechten en portretrechten.

De leraar doet ertoe

Om leerlingen bewust, kritisch en actief te leren omgaan met AI-middelen, speelt de leraar een cruciale rol. Hij of zij leert hen op een kritische manier omgaan met informatie. Leerlingen leren vragen zo te formuleren dat ze de antwoorden genereren waar ze naar op zoek zijn. Ze verrijken en verdiepen hun kennis over breed maatschappelijke onderwerpen, brengen verslag uit aan medeleerlingen en kunnen naar aanleiding hiervan discussies voeren. Ook het vermogen om een onderscheid te maken tussen feiten en ogenschijnlijk waarachtige info wordt meer en meer een kostbare competentie en een belangrijke stapsteen om het redenerend vermogen van onze leerlingen verder aan te scherpen. Door artificiële intelligentie in te zetten als hulpmiddel, kunnen leerlingen op school, samen en begeleid door een leerkracht, de betrouwbaarheid van de resultaten nagaan om met die specifieke inzichten verder aan de slag te gaan.

Dit arti­kel ver­scheen in Ima­go, tijd­schrift van ste­de­lijk en gemeen­te­lijk onder­wijs, juni 2023.

Zoek je het algemene contact van een dienst?

Ga naar de contactpagina