Volgens de AVG moeten onderwijsinstellingen passende technische en organisatorische maatregelen treffen om de veiligheid van persoonsgegevens te waarborgen. Deze maatregelen zijn essentieel om persoonsgegevens te beschermen tegen verlies, diefstal, onbevoegde toegang of andere vormen van misbruik.
Hieronder vind je een aantal voorbeelden van organisatorisch en technische maatregelen.
Het schoolbestuur ontwikkelt een ‘informatiebeveiligings- en privacy-beleidsplan (IPB)’ waarin de richtlijnen worden uitgewerkt om te voldoen aan de AVG. Het IBP-beleidsplan geldt voor iedereen: medewerkers, leerlingen, hun ouders of voogd, cursisten, leveranciers ….
Een effectief IBP-beleid vereist de medewerking van iedereen. Sensibiliseren en opleiding spelen een cruciale rol.
Een IBP-beleid moet regelmatig worden bijgewerkt, omdat het een doorlopend proces is. Het beleid moet worden aangepast aan nieuwe uitdagingen en vereisten.
Hoewel het IBP-beleidsplan geen verplicht document is, biedt het plan een duidelijk kader voor de gegevensbescherming en het privacy-beleid binnen de school. Het helpt om afspraken en verantwoordelijkheden inzichtelijker te maken voor iedereen.
Het schoolbestuur kan het IBP-beleid afdwingbaar maken door dit op te nemen in verplichte documenten zoals het schoolreglement, het arbeidsreglement of in afsprakenkaders. Daarnaast is het belangrijk om na te gaan of er in de samenwerkingscontracten met anderen, zoals het LSC of CLB’s, voldoende beveiligingsmaatregelen zijn opgenomen.
Het schoolbestuur is verplicht een functionaris voor gegevensbescherming (FG) of DPO aan te stellen. In overleg met de Vlaamse Toezichtcommissie (VTC) is afgesproken dat voor het gemeentelijk onderwijs de DPO van het lokaal bestuur deze rol vervult voor alle gemeentelijke onderwijsinstellingen binnen het lokaal bestuur.
Bij samenwerkingsverbanden zoals een LSC (ILOV) kan de DPO van één of meerdere deelnemende lokale besturen deze taak op zich nemen. De betrokken lokale besturen bepalen zelf hoe ze dit organiseren.
Het schoolbestuur wijst per school een aanspreekpunt informatieveiligheid aan. Het aanspreekpunt is de contactpersoon voor de DPO. Het aanspreekpunt moet kennis hebben van de datastromen binnen de school.
Het schoolbestuur is verplicht om een register van verwerkingsactiviteiten bij te houden (artikel 30 van de AVG).
Het register biedt een overzicht van alle verwerkingsactiviteiten van persoonsgegevens binnen de school. Het register moet ten minste de volgende informatie bevatten:
Het register verwerkingsactiviteiten dat terug te vinden is op de website www.privacyinonderwijs.be kan dienen als inspiratiebron om een register aan te maken als het schoolbestuur geen eigen model beschikbaar heeft. Raadpleeg hiervoor de DPO van het schoolbestuur.
Wanneer het schoolbestuur voor de verwerking van persoonsgegevens een beroep doet op een verwerker (of meerdere verwerkers), werkt ze uitsluitend samen met verwerkers die voldoende garanties bieden. Deze garanties moeten aantonen dat de verwerker passende technische en organisatorische maatregelen neemt om te voldoen aan de eisen van de AVG. Het schoolbestuur sluit met elke verwerker een verwerkersovereenkomst af (artikel 28 van de AVG).
In een verwerkersovereenkomst wordt contractueel vastgelegd dat de verwerker de betrokken persoonsgegevens alleen mag verwerken volgens de schriftelijke instructies van het schoolbestuur.
Het schoolbestuur kan gebruik maken van het ‘model verwerkersovereenkomst’ opgesteld door alle onderwijsverstrekkers en een aantal leveranciers van producten en diensten voor het onderwijs. Raadpleeg hiervoor de DPO van het schoolbestuur.
Als het schoolbestuur een beroep doet op een verwerker is het essentieel om na te gaan waar de persoonsgegevens zullen worden opgeslagen. Alle persoonsgegevens moeten worden bewaard op een locatie binnen de Europese Unie (EU).
Als persoonsgegevens worden doorgegeven aan een derde land of een internationale organisatie, zijn passende waarborgen nodig (artikel 49.1, tweede alinea van de AVG). Raadpleeg hiervoor altijd je DPO.
Het gebruik van een publieke cloud bij een niet-Europese leverancier is in principe niet toegestaan voor grootschalige verwerking. Voor risicogevoelige persoonsgegevens is een publieke cloud nooit een optie. Voor meer informatie kan je terecht op de website van de Vlaamse Toezichtcommissie (VTC).
Bij elke elektronische uitwisseling van persoonsgegevens tussen Vlaamse instanties onderling of met een externe overheid is het verplicht om een protocol op te stellen (Artikel 8, §1 van het decreet van 18 juli 2008 over het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer of kort e-gov-decreet).
Voorbeelden van dergelijke instanties zijn alle schoolbesturen, AGODI …
Met mededeling van persoonsgegevens wordt bedoeld dat de persoonsgegevens die door een instantie, bijvoorbeeld een leerplichtschool, zijn verzameld voor een specifiek doel, bijvoorbeeld worden bezorgd aan een CLB, dat de persoonsgegevens verder zal verwerken voor een ander doeleinde. De uitwisseling moet systematisch zijn. Let op: een éénmalige overdracht van een grote hoeveelheid persoonsgegevens wordt beschouwd als een systematische uitwisseling en vereist dus een protocol.
Een protocol is niet verplicht wanneer de persoonsgegevens worden uitgewisseld binnen eenzelfde instantie. Bijvoorbeeld als het schoolbestuur en het centrumbestuur CLB hetzelfde lokaal bestuur is, dan is er gen protocol nodig.
Een protocol voor de elektronische uitwisseling van persoonsgegevens bevat volgens de Vlaamse Toezichtcommissie (VTC) minstens de volgende elementen:
De DPO’s van alle betrokken instanties moeten advies geven. Een bijkomend advies kan worden gevraagd aan de Vlaamse Toezichtcommissie (VTC).
Het protocol moet worden gepubliceerd op de websites van de betrokken instanties.
Een privacyverklaring helpt het schoolbestuur als verwerkingsverantwoordelijke om te voldoen aan het transparantiebeginsel uit de AVG. Met dit document informeert de school de betrokkenen duidelijk over de verwerking van hun persoonsgegevens.
Een privacyverklaring is een overzichtelijk document, geschreven in eenvoudige taal, waarin alle verwerkingen van persoonsgegevens zijn opgenomen. Maak een onderscheid tussen de verschillende typen betrokkenen zoals leerlingen, cursisten of medewerkers. Om transparantie te waarborgen, neemt de school in haar communicatie met betrokkenen een verwijzing op naar de privacyverklaring, zodat deze gemakkelijk kan worden geraadpleegd. Publiceer het document ook op de website van de school of het schoolbestuur.
een privacyverklaring is vrij makkelijk aan te passen omdat het geen personeelsmaterie betreft en dus niet onderworpen is aan syndicale inspraak. Verwijs in het arbeidsreglement en andere reglementen of overeenkomsten naar de privacyverklaring. Het schoolbestuur moet elke wijziging communiceren aan de betrokkenen.
Een privacyverklaring dient ten minste de volgende elementen te bevatten:
Een gegevensbeschermingseffectbeoordeling (GEB of DPIA) is verplicht als een verwerking een waarschijnlijk hoog risico inhoudt voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen (artikel 35 van de AVG). Een DPIA is een proces waarbij de risico’s voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen bij de verwerking van hun persoonsgegevens in kaart wordt gebracht.
Een DPIA moet zeker worden overwogen in de volgende situaties:
De Vlaamse Toezichtcommissie (VTC) heeft een lijst opgesteld van het soort verwerkingen waarvoor een DPIA verplicht is.
Om schoolbesturen te ondersteunen, is er een ‘expertenwerkgroep gegevensbescherming in onderwijs’ opgericht, bestaande uit vertegenwoordigers van de verschillende onderwijsverstrekkers en koepels. Deze werkgroep coördineert de ontwikkeling van ‘generieke DPIA’s’. Het Agentschap Digitaal Vlaanderen levert de expertise en het Kenniscentrum Digisprong volgt de werking op.
Een generieke DPIA is een sjabloon waarin een aantal onderdelen zijn ingevuld. Het schoolbestuur voert een DPIA uit en kan hiervoor gebruik maken van de generieke DPIA. Het schoolbestuur kan deze DPIA aanpassen of verder invullen om aan de specifieke situatie te voldoen. De lijst van de uitgevoerde of in uitvoering zijnde generieke DPIA’s kan je op de website van de expertenwerkgroep terugvinden.
Het schoolbestuur is altijd verantwoordelijk voor het uitvoeren van alle vereiste DPIA’s, ook al er (nog) geen generieke DPIA beschikbaar is.