Problemen met inloggen?
Stuur een mailtje naar communicatie@ovsg.be
(Vermeld duidelijk over welk platform het gaat.)

Zoek je attesten of lesmateriaal van een opleiding? Ga naar Mijn OVSG
Problemen? Stuur een mailtje naar nascholing@ovsg.be

 

Wat brengt Onderwijsdecreet XXXI?

donderdag 25 maart 2021

De scholengemeenschapsinstelling

Het decreet voert een nieuwe structuur in onder de vorm van de scholengemeenschapsinstelling naast de scholengemeenschap. Die nieuwe rechtspersoon heeft als enige functie de personeelsleden die voor de scholengemeenschap werken te benoemen Het is goed dat personeelsleden die werken ter ondersteuning van de scholengemeenschap de mogelijkheid krijgen om bovenschools te worden benoemd. Een dubbele grendel verhindert dat er te veel wordt benoemd, niet meer dan 10 % van de globale samengelegde puntenenveloppe mag en gebaseerd op de situatie van 1/09/2020.

Voor de lokale besturen komt dat neer op de oprichting van een ILOV, enkel en alleen om te kunnen benoemen. De ILOV krijgt geen verdere bevoegdheid, wat toch enigszins haaks staat op het streven van de Vlaamse Regering naar vermindering van bestuurlijke versnippering. Als de decreetgever een rechtspersoon creëert, dan moet die veel ruimere bevoegdheid krijgen dan enkel een zeer beperkte benoemingsbevoegdheid. OVSG vraagt dan ook om die constructie te verruimen.

Bij netoverschrijdende scholengemeenschappen moeten er zoveel scholengemeenschapsinstellingen worden opgericht als er deelnemers van verschillende netten zijn wat de oprichting van nog meer rechtspersonen vergt.

OVSG vraagt al geruime tijd om de rechtspositieregeling aan te passen aan de bestuurlijke realiteit in de steden en gemeenten zodat gesubsidieerd en niet gesubsidieerd onderwijspersoneel door hetzelfde orgaan benoemd worden of verloven toegekend krijgen. De decreetgever is daar niet op ingegaan, maar heeft integendeel de puzzel nog wat ingewikkelder gemaakt. De situatie voor het personeel in de scholengemeenschapsinstelling mag enkel opgenomen worden door de gemeenteraad. Dat betekent dat er nu drie verschillende regimes in hetzelfde lokaal bestuur van kracht kunnen zijn op het personeel, nu eens het college van burgemeester en schepenen of de algemeen directeur en dan weer de gemeenteraad.

Inzage van leerlingen- en cursistengegevens door de inspectie

De inspectie krijgt een decretale basis voor de inzage van leerlingen- en cursistengegevens. OVSG blijft aandacht hebben voor de privacy van de leerlingen en hun ouders wanneer de inspectie individuele dossiers gaat inkijken om haar taak te kunnen opnemen en blijft waakzaam over de proportionaliteit van de inzage en over de opslag van de gegevens. Voor OVSG blijft de inzage in individuele leerlingendossiers een delicate materie waarbij steeds zo zuinig mogelijk met inzage in dossiers van minderjarigen moet worden omgesprongen, vooral wanneer de inspectie dossiers binnen de centra voor leerlingenbegeleiding consulteert. Deze regelgeving mag geen automatisme zijn voor ongebreidelde inzage. Voor OVSG moet de bewaartermijn van de gegevens die de inspectie consulteerde tevens zeer concreet en niet langer dan strikt noodzakelijk.

Controle inspectie SES-middelen

De inspectie krijgt er nog een bevoegdheid bij. Voortaan komt er een geoptimaliseerde controle op de middelen die aan scholen toegekend worden voor het gelijke onderwijskansenbeleid. OVSG ondersteunt de beleidsrichting om de middelen in te zetten waarvoor ze bedoeld zijn, maar het is moeilijk om SES middelen bij uitsluiting enkel te gebruiken voor de leerlingen die de middelen genereren. Vaak worden ze in klasverband ingezet.

OVSG kan anderzijds niet akkoord gaan met de voorgestelde sanctie dat de inspectie de middelen mag halveren. Een halvering van het werkingsbudget op basis van de leerlingenkenmerken door een administratieve dienst, zonder garantie van beroepsmogelijkheden, heroverweging door de Vlaamse Regering en onbepaald in de tijd is ongezien ook al gaat het om een tweede negatieve beoordeling. De sanctie kan bovendien maar ongedaan worden gemaakt bij een nieuwe doorlichting. Voor OVSG is dit onaanvaardbaar.

Ambt van ICT-coördinator

Voor het secundair onderwijs, deeltijds kunstonderwijs en volwassenenonderwijs wordt een nieuw ambt gecreëerd, het ambt van ICT-coördinator. Voortaan kunnen mensen hierin worden benoemd.

Wijzigingen in het DKO

Ook het deeltijdskunstonderwijs moet in het vervolg verplicht met een beleidsplan werken. OVSG waardeert dat de decreetgever op een pragmatische manier omgaat met de verplichting zonder dat er te veel planlast mee gepaard gaat. Anderzijds is OVSG wel bekommerd over het risico van de toename van de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking omdat voortaan alle verlofstelsels vacant moeten worden verklaard. De dubbelzinnige situatie waarbij een twaalfjarige zowel in de tweede graad als in de derde graad les kan volgen wordt uitgeklaard. De redenen voor gewettigde afwezigheden zullen voortaan bepaald worden door de Vlaamse Regering. Academies kunnen lestijden bundelen voor aanvangsbegeleiding. Het wordt mogelijk dat één academie het personeelslid aanstelt maar dat het personeelslid in alle academies van het samenwerkingsverband zijn opdracht kan uitoefenen.

Het decreet wijzigt ook nog de omschrijving van de categorieën van rechthebbenden op verminderd inschrijvingsgeld. Er komt een eengemaakte categorie van werkzoekenden en personen te laste krijgen eveneens recht op verminderd inschrijvingsgeld.

De decreetgever heeft geen gehoor willen geven aan de eigenheid van het DKO bij programmaties en hun geldigheidsduur. Investeringen in het deeltijds kunstonderwijs moeten namelijk volledig worden gedragen door de inrichtende macht. Doordat academies pas laat beslissing krijgen over goedkeuring, is het niet realistisch om te eisen dat de goedgekeurde programmatie ten laatste in het schooljaar opgericht wordt. OVSG vroeg dan ook om de geldigheidsduur van een programmatie te verlengen met minstens één schooljaar. Deze maatregel schept voor de decreetgever geen bijkomende financiële inspanning en biedt ruimte binnen de beheers- en beleidscycli van de lokale besturen om hun programmaties en de ermee gepaard gaande investeringen optimaal te plannen.

Automatische of voorlopige erkenning van scholen

De automatische of voorlopige erkenning van scholen vervalt. Een school moet aantonen dat ze de toepassing van de grond- en mensenrechten zoals beschreven in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens gevraagd wordt, waarna een school enkel erkend, gesubsidieerd of gefinancierd kan worden na een goedkeuring bij ministerieel besluit.

Bestendiging Start to ICT

Voor het volwassenenonderwijs wordt de tijdelijk voorziene maatregel bestendigd om Start to ICT van het secundair volwassenenonderwijs onder de vorm van modules in te richten.

Handelingsgericht advies voor ondersteuning

Het gemotiveerd verslag mag voortaan de vorm aannemen van een handelingsgericht advies voor ondersteuning vanuit het ondersteuningsmodel.

Een aantal maatregelen zijn zodanig fundamenteel dat OVSG een protocol van niet akkoord heeft gegeven.

Eerstvolgende nascholingen

    Blijf op de hoogte

    e-zine voor stedelijk en gemeentelijk onderwijs