Problemen met inloggen?
Stuur een mailtje naar communicatie@ovsg.be
(Vermeld duidelijk over welk platform het gaat.)

 

Succesvol colloquium over hervorming secundair

woensdag 14 november 2012

Reflecties van de workshops op het colloquium 'Hervormingen van het secundair onderwijs'

 

Workshop 1: Brede algemene vorming

In de 1ste graad zijn de klasgroepen heterogeen.

Heterogene klasgroepen in de 1ste graad:

  • mits gedifferentieerd werken ook gekoppeld wordt aan uitdagingen voor leerlingen;
  • mits keuzemogelijkheden in functie van talenten van leerlingen;
  • mits nadenken om differentiatie op te starten in de 3de graad BaO;
  • kan eventueel in niveaugroepen…

De B-stroom in de 1ste graad moet worden afgeschaft.

De B-stroom kan in de 1ste graad overbodig zijn onder bepaalde voorwaarden:

  • niet binnen de bestaande structuren;
  • reeds laten aanvatten of op voorbereiden in de 3de graad van het BaO;
  • een flexibel modulair systeem kan een mogelijkheid zijn;
  • een uitgebreid remediëringstraject voor de specifieke doelgroep van de huidige 1B;
  • individuele trajecten mogelijk maken;
  • leren vanuit ervaringen in PAV, DBSO en proeftuinen.

Alle leerlingen krijgen algemene vorming tot 16 jaar.

  • Een breed aanbod in de 1ste graad realiseren zodat leerlingen in aanraking komen met allerlei domeinen, talenten ontdekken en (verder) ontwikkelen, om later beter te kunnen kiezen.
  • Out-of-the-box denken: genoeg uitdagingen en voldoende zorg voor alle leerlingen zonder ze te categoriseren.
  • Leren niet reduceren tot iets cognitiefs. Talenten ontwikkelen zit ook bij praktisch en artistiek leren.

 

Workshop 2: Een transparante onderwijsstructuur

Stuur je kind naar het aso, dan heeft het de beste kansen.

  • Een breed aanbod van algemene vorming in alle onderwijsvormen met keuzemogelijkheden voor de leerlingen.
  • Individuele trajecten met keuzemogelijkheden waarbij een goed evenwicht tussen algemene en technische vorming belangrijk is. Hierbij is keuzebekwaamheid belangrijk.
  • Competentiegericht leren invoeren.
  • Aso is nu geen algemeen vormend onderwijs. 
  • Onvoldoende kunst, cultuur, techniek …
  • Tot 16 jaar een breed aanbod aanbieden en daardoor de keuze uitstellen.

De keuze voor tso en bso mag niet te laat komen om beroepskwalificaties te behalen. Twee jaar is te kort.

Het schrappen van de onderwijsvormen is een formele ingreep.

  • Het zou geen formele ingreep mogen zijn.
  • Diverse leerlingen rond één concept/project samenzetten zodat elk talent tot zijn recht komt en zo zijn steentje kan bijdragen.
  • Vrees voor schaalvergroting (megastructuur) bij de kleinere individuele scholen. Waar moeten zij nog hun leerlingen gaan halen?
  • Samenwerkingsverbanden tussen de verschillende scholen om zo een volwaardig aanbod aan te bieden.

De huidige onderwijsstructuur is transparant voor leerlingen, ouders en de arbeidsmarkt.

  • De huidige structuur is niet transparant. Het referentiekader is bij de meeste mensen gebaseerd op hun eigen schoolcontext.
  • De leerkrachten kennen onvoldoende de onderwijsstructuur waardoor ze leerlingen en hun ouders geen gepast advies kunnen geven in hun oriënteringskeuze. Leraren vormen en coachen in dit proces.

 

Workshop 3: De leerling centraal

Scholen besteden voldoende aandacht aan studiekeuzebegeleiding.

  • De scholen oriënteren nu op basis van punten. Er is een meer positieve insteek nodig op basis van capaciteiten.
  • De rol die de CLB’s op zich nemen, wordt te negatief benaderd. Ze oriënteren te resultaatgericht zonder rekening te houden met de voorgeschiedenis en de competenties van het kind. De CLB’s moeten nochtans de nodige expertise in huis hebben.
  • Studiekeuzebegeleiding moet een dynamisch en continu proces zijn over de niveaus heen.
  • Uitstel van studiekeuze is niet wenselijk omdat het de continuïteit in het gedrang brengt.
  • Een schooloverstijgende aanpak is nodig.

Een leerling van 12 jaar is in staat om een studiekeuze te maken.

  • Studiekeuze op 12 jaar is te vroeg en niet wenselijk.
  • Alle betrokkenen correct informeren. De beschotten hebben hierop een stigmatiserend effect (perceptie van de onderwijsvormen).
  • Cognitieve vaardigheden worden door de ouders hoger ingeschat dan technische vaardigheden.
  • Reeds in het BaO leerlingen hun interesses en talenten laten ontdekken en ontwikkelen.
  • Ouders betrekken in het studiekeuzeproces.

Een individueel leertraject maakt A, B en C-attesten overbodig.

Individueel leertraject:

  • Differentiatie op klasniveau is nodig maar slechts haalbaar in kleine(re) klassen.
  • Hierin een onderscheid maken tussen de basisvorming en de specifieke vorming.
  • Hierbij flexibel inspelen op mogelijke EVC-trajecten.
  • Leerlingen hun eigen lessenpakket laten samenstellen.
  • Modulair onderwijs is een mogelijk alternatief.
  • Er is impact op het sociaal aspect als er geen klasgroepen meer zijn.

A, B en C-attesten afschaffen:

  • Attestering heeft een negatieve connotatie. Ze moet meer vanuit een positieve instelling benaderd worden.
  • Diploma’s en getuigschriften op de niveaus van de Vlaamse kwalificatiestructuur uitreiken.
  • B-attesten helpen leerlingen en ouders een positieve keuze te maken.
  • B-attesten beperken keuzes en gaan niet uit van de individuele competenties.

 

Workshop 4: Van BaO naar SO en van SO naar …

Het dossier van een leerling uit het BaO moet overgedragen worden aan de school van het SO.

  • Dit kan problemen opleveren met de wet op de privacy.
  • Eigenaarschap van het leerlingendossier moet bij de ouders liggen. Zij moeten aangemoedigd worden om deze info over te maken aan de secundaire school.
  • De doorstroming van info is belangrijk.

De 3de graad BaO en de 1ste graad SO moeten samengevoegd worden in één blok.

Voordelen:

  • Een geleidelijke overgang naar het secundair onderwijs.
  • Een uitstel van studiekeuze van twaalf naar veertien jaar.
  • Knowhow tussen BaO en SO uitwisselen.
  • De kloof op het niveau van leerinhouden verkleinen.

Nadelen:

  • Alleen de structuur veranderen brengt geen oplossing.
  • Hoe en waar moeten de scholen dit organiseren ?
  • Kinderen kijken uit naar de grote stap naar het secundair onderwijs. Dit neem je weg.
  • Niveau 1 van de Vlaamse kwalificatiestructuur valt in het midden van dit blok van vier jaar.

Opmerkingen

  • Waar kunnen OKAN-kinderen terecht ?
  • Een brede 3de graad BaO behouden met veel differentiatiemogelijkheden.

Alle diploma’s SO moeten toegang geven tot het hoger onderwijs.

  • Alle diploma’s van het secundair onderwijs moeten toegang verlenen tot het hoger onderwijs. Dit kan via een 6-jarige of 7-jarige structuur.
  • We pleiten voor studiebegeleiding in het hoger onderwijs.
  • Leerlingen kansen geven in het hoger onderwijs via een oriënteringstraject.

De ongekwalificeerde uitstroom vermindert door de systemen van ‘Leren en werken’ uit te breiden.

Systemen van ‘leren en werken’ kunnen voor sommige leerlingen een oplossing bieden onder bepaalde voorwaarden:

  • Ondersteuning van de bedrijven is noodzakelijk.
  • Algemene vorming en taalonderwijs blijven belangrijk en moeten een onderdeel van de opleiding blijven. Het taalniveau is nu een probleem.
  • Startende leerlingen eerst een traject op school laten volgen alvorens in het duaal systeem (leren en werken) te stappen.

Eerstvolgende nascholingen

    Blijf op de hoogte

    e-zine voor stedelijk en gemeentelijk onderwijs