Problemen met inloggen?
Stuur een mailtje naar communicatie@ovsg.be
(Vermeld duidelijk over welk platform het gaat.)

 

PWA wordt wijk-werken: geen structurele oplossing voor de buitenschoolse kinderopvang

woensdag 15 november 2017

Op 7 juli 2017 keurde de Vlaamse Regering de praktische uitrol goed van het systeem wijk-werken dat, na een eerder uitstel, van start zal gaan op 1 januari 2018.

Wat u zeker dient te weten

De focus wijzigt

Wijk-werken wordt een activerend instrument. Het is bedoeld als een duidelijk en begeleid pad naar werk, beperkt in de tijd. Binnen een jaar moet het de wijk-werkers in staat stellen om de stap naar de arbeidsmarkt te zetten.
Voor mensen die werkzaam zijn in het huidige PWA-stelsel geldt, onder voorwaarden, de maximumtermijn van 12 maanden niet. Het is echter wel de bedoeling om ook hen toe te leiden naar de arbeidsmarkt.

Toepassingsgebied

Het nieuwe systeem van wijk-werken is enkel van toepassing binnen het Vlaamse Gewest. Dit heeft tot gevolg dat schoolbesturen of scholen die gebruik willen maken van de diensten van wijk-werkers hun domicilie in het Vlaamse Gewest moeten hebben. Dit geldt ook voor het domicilie van de werkzoekende.

Het PWA-systeem zoals we het kennen blijft bestaan voor scholen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Zij kunnen dus geen gebruik maken van het systeem wijk-werken. Een werkzoekende uit het Waalse of Brussels Hoofdstedelijk Gewest kan dus niet worden ingezet als wijk-werker in een school gelegen in het Vlaamse Gewest.

De duurtijd, prestaties en wijk-werkcheques

De duur van de overeenkomst wordt vastgelegd door de toeleidende organisatie (OCMW of VDAB) en bedraagt maximaal één jaar. Deze beperkte duur geldt niet voor werkzoekenden die op 30 september 2017 al een PWA-overeenkomst hadden.

Tijdens wijk-werken kan de werkzoekende maximaal 60 uur wijk-werkprestaties per maand en maximaal 630 uur wijk-werkprestaties per jaar verrichten. Per gepresteerd uur krijgt de wijk-werker een cheque waarvoor hij 4,10 euro ontvangt. Eventueel kan hij of zij hier bovenop verplaatsingskosten ontvangen van 0,15 euro per kilometer indien de afstand tussen de plaats van de activiteit en de woonplaats van de wijk-werker meer bedraagt dan vijf kilometer.

De chequeprijs voor de gebruikers wordt via het besluit vastgelegd op 5,95 euro. Gemeenten kunnen evenwel beslissen om een afwijking tot voorzien en deze aanschafprijs te verhogen, telkens met 0,5 euro tot een maximaal bedrag van 7,45 euro. Concreet bestaat er dus een prijsvork van vier mogelijkheden: 5,95 – 6,45 – 6,95 – 7,45 euro.

Aanmelden

Besturen en/of scholen die nu reeds gebruik maken van PWA-tewerkstelling, en dat na 1 januari 2018 willen voortzetten, moeten zich voor 23 november 2017 aanmelden bij de VDAB via:

  • de VDAB website 
  • telefonisch:  via het gratis nummer 0800 30 700 (kies voor optie 5)

Scholen en/of schoolbesturen die reeds gebruiker zijn zullen deze informatie ook via een brief van de VDAB ontvangen.

Eens de school en/of schoolbestuur geregistreerd is als gebruiker zal de VDAB zoveel mogelijk de huidige PWA medewerkers matchen met de school waarvoor ze nu reeds werken.

Meer weten? https://www.vdab.be/wijk-werken

 

Geen structurele oplossing voor de buitenschoolse kinderopvang

OVSG is tevreden dat, mede onder druk van de onderwijskoepels, de maximum termijn voor het wijk-werken verlengd werd van zes maanden naar twaalf maanden en dat de huidige PWA’ers hun statuut kunnen behouden in het nieuwe stelsel van wijk-werken.

Maar reden om euforisch te zijn is er echter niet, integendeel. Met de invoering van het nieuwe systeem krijgt de buitenschoolse kinderopvang een ferme dreun.

Het zeer is intussen breed gekend: het basisonderwijs ontvangt geen werkingsmiddelen of omkaderingsmiddelen om ochtend-, middag-, en avondtoezicht te organiseren ondanks de groeiende maatschappelijke vraag om deze diensten aan te bieden. En onze schoolbesturen moeten, eveneens zonder middelen, vaak het onmogelijke doen om betaalbare opvang te kunnen organiseren met voldoende en kwaliteitsvolle toezichters.

Tot nu werd vaak gebruik gemaakt van de PWA-diensten om de buitenschoolse opvang te voorzien van kindbegeleiders die de betaalbaarheid en de kwaliteit in zekere mate konden garanderen.

Het nieuwe  traject wijk-werken zal allicht een weinig aantrekkelijke optie worden en biedt geen toekomstgerichte oplossing voor de kinderopvang. En daar zijn twee redenen voor. 

Ten eerste grijpt de beperking van een traject tot maximaal  twaalf maanden in op de continuïteit die in de context van het onderwijs zo belangrijk is. Toezichters hebben tijd nodig om zich in te werken in hun opdracht en moeten daarin begeleid worden. Daarnaast moet er een wederzijdse band opgebouwd worden met  de kinderen, de directie en het schoolteam. Toezichters moeten ook wennen aan het specifiek schoolproject en aan de schoolcultuur. En als we even focussen op het welzijn van onze jongeren dan is er ook een aantal pedagogische redenen om te pleiten voor continuïteit.  Het principe ‘plug-and-play’ gaat absoluut niet op voor een toezichtshoudende opdracht in het basisonderwijs.

Ten tweede is het maar de vraag of de verscherpte focus van wijk-werken, met name de toeleiding naar de arbeidsmarkt, het kiezen voor een relatief kort traject als toezichter in het basisonderwijs aantrekkelijk maakt. Schoolbesturen kunnen bijna nooit een arbeidscontract aanbieden in het verlengde van dit wijk-werktraject. En buiten de context van onderwijs is deze ervaring slechts in beperkte mate een meerwaarde.

OVSG stelt hiermee het doel en de waarde van het nieuwe decreet  wijk-werken niet in vraag. De koepel oppert wel dat beslissingen die genomen worden in het ene beleidsdomein (Werk) gevolgen heeft voor een ander beleidsdomein (Onderwijs) zonder dat er wordt voorzien in een adequate oplossing voor deze complicatie.

Deze oplossing zou door een derde beleidsdomein, met name Welzijn, kunnen aangereikt worden door snel initiatieven te nemen die het organiseren van kwaliteitsvolle en betaalbare opvang regelen en faciliteren. En waarbij een deftig en aantrekkelijk statuut wordt uitgewerkt voor toezichters of kindbegeleiders in de buitenschoolse opvang. Onze kinderen en onze ouders hebben daar recht op!

Eerstvolgende nascholingen

    Blijf op de hoogte

    e-zine voor stedelijk en gemeentelijk onderwijs