Sterke taalvaardigheid is de sleutel tot leren. Met nieuwe taalmaatregelen wil de Vlaamse overheid scholen extra ondersteunen om taalachterstand te voorkomen en aan te pakken. Tegelijk komt er een nieuwe rol op school: de taalexpert.
Het ontwerp van decreet, dat op 1 september 2026 in werking treedt, heeft als doel een sterke taalvaardigheid voor alle leerlingen. Er zijn drie sporen.
preventie en remediëring van taalachterstand in het basisonderwijs
versterking van het Nederlands in het secundair onderwijs
verdere professionalisering van schoolteams
Scholen krijgen extra middelen. Dat is een positieve stap die we toejuichen. Tegelijk brengen de maatregelen ook belangrijke veranderingen mee.
Elke school duidt minstens één taalexpert aan. Die ondersteunt het team, helpt bij taalremediëring en werkt mee aan het taalbeleid. De vorming voor deze rol wordt gratis aangeboden via een samenwerking tussen de Taalunie en Leerpunt.
OVSG steunt dit initatief steunt en neemt zelf ook verschillende professionaliseringsinitiatieven in functie van de taalcompetentie Nederlands.
Heb je hierbij een vraag? Neem dan zeker contact op met je pedagogisch adviseur.
De screening van taalvaardigheid wordt geactualiseerd. Daarnaast verschuiven middelen voor het Offensief Nederlands naar het nascholingsbudget voor alle scholen. Dat zorgt voor bredere professionaliseringskansen.
De definitie verandert grondig. De nadruk verschuift naar thuistaal en de leeftijdsgrens gaat van vijf naar zeven jaar.
Wij maken ons zorgen dat hierdoor een belangrijke groep jonge leerlingen minder ondersteuning krijgt, net in een cruciale fase van hun taalontwikkeling. We pleiten er bij de overheid voor om de leeftijdsgrens op vijf jaar te houden of minstens een overgangsmaatregel te voorzien.
Taalheldklassen bieden intensieve taalondersteuning met als doel een snelle integratie in de klaspraktijk.
We vinden het belangrijk dat scholen zelf kunnen kiezen hoe ze dit organiseren, afgestemd op hun leerlingen en context. Een verplichte aparte setting kan namelijk botsen met inclusief onderwijs. De vraag is ook of dit praktisch haalbaar is.
Ook de rol van ouders en de organiseerbaarheid vragen extra aandacht.
Extra middelen voor bijkomende taallessen zijn welkom. In de praktijk blijven die voorlopig onvoldoende om de vooropgestelde drie uur volledig te realiseren.
In het kader van Ieder kind taalheld zijn er een aantal bijkomende aspecten waarmee je rekening moet houden bij de overgang van het ene onderwijsniveau naar het andere: van kleuter naar lager en van lager naar secundair.
Bekijk hier het advies bij beslissingen van de klassenraad hierbij.
Na de onderhandelingen met de overheid geven we een gedeeltelijk akkoord op het ontwerp van decreet. Extra middelen en aandacht voor taal zijn een duidelijke meerwaarde. Tegelijk vragen we aanpassingen zodat de maatregelen haalbaar blijven, voldoende inclusief zijn en zodat scholen de nodige autonomie behouden om keuzes te maken die passen bij hun context.